Rollenbank regels

Permanente regels voor bromfietsen:De permanente of voortdurende eisen waaraan bromfiets moeten voldoen staan in de Regeling voertuigen. Deze Regeling is in hoofdzaak Europese regelgeving. Voor Europa zijn bromfietsen categorie L voertuigen. Voor ons is categorie L1e van toepassing.De regels voor de rollentestbank zijn de volgende:Artikel 1.1 Regeling voertuigen
Bromfiets: voertuig van de voertuigcategorie L met de voertuigclassificatie L1e, L2e of L6e, niet zijnde een gehandicapten voertuig of een motorrijtuig met beperkte snelheid;
In ieder geval wordt als bromfiets aangemerkt een voertuig dat blijkens het afgegeven kentekenbewijs een bromfiets is;

Voertuigen van de voertuigcategorie L1e:
tweewielige motorvoertuigen met een door de constructie bepaalde maximumsnelheid van ten hoogste 45 km/h met de volgende kenmerken;
een motor met:
1°. een cilinderinhoud van ten hoogste 50 cm3, indien het een motor met inwendige verbranding betreft, of
2°. een nominaal continu maximumvermogen van ten hoogste 4 kW indien het een elektrische motor betreft.

Artikel 5.6.8 RV
1.  Bromfietsen moeten bij voortduring blijven voldoen aan de op het kentekenbewijs of in het kentekenregister vermelde maximum constructiesnelheid, vermeerderd met 5 km/h. Hierbij is het bepaalde in bijlage VIII, artikelen 28 en 29, van toepassing.
2.  Bromfietsen mogen niet zijn voorzien van een voorziening met het kennelijke doel de controle op de in het eerste lid vermelde maximum constructiesnelheid te bemoeilijken of te beïnvloeden.

Bijlage VIII, behorende bij hoofdstuk 5 van de Regeling voertuigen:

Artikel 28
De maximum constructiesnelheid wordt gemeten met behulp van een bromfietsrollentestbank die voldoet aan de daaromtrent in hoofdstuk 8 van deze regeling gestelde eisen, waarbij de in artikel 29 bedoelde meetcondities in acht moeten worden genomen.

Artikel 29
Bij het gebruik van de bromfietsrollentestbank om de maximumconstructiesnelheid te meten:
a. wordt, bij in werking zijnde motor bij die versnelling waarbij de hoogste snelheid wordt bereikt, de gastoevoer zover geopend dat de bromfietsrollentestbank een maximale waarde aangeeft;
b. wordt de motor van de bromfiets voldoende gekoeld;
c. is de bromfietsrollentestbank goedgekeurd voor het testen van een bromfiets met het aantal aangedreven wielen dat overeenkomt met het aantal aangedreven wielen van het te testen voertuig, en
d. wordt de meting uitgevoerd conform de bij de desbetreffende bromfietsrollentestbank behorende handleiding, mits de door de fabrikant in de handleiding opgenomen aanwijzingen niet strijdig zijn met de in deze en de vorige paragraaf opgenomen technische eisen en gebruikseisen. De handleiding vermeldt in ieder geval:
1°. of de bromfiets bij gebruik van de bromfietsrollentestbank moet worden belast en zo ja, met hoeveel kilogram, en
2°. welke invloed de bandenspanning heeft op de meting.

Bij de politie zijn twee merken rollenbanken in gebruik. Het merk Sneep en het merk Dynostar. Beide rollenbanken zijn aangewezen als Politie meetmiddel en geijkt door het Nederlands Meetinstituut (NMi).
Voor het gebruik kunnen diverse regels zijn gebundeld. Gebruiksaanwijzing fabrikant, meetvoorwaarden door het NMi, voorschiften Politie meetmiddelen en uiteraard de wettelijke regels.

Zoals je hierboven kunt lezen, zijn de permanente eisen aan de constructie-snelheid anders dan de keuringseisen op het kentekenbewijs vermeld. Op het kentekenbewijs staat 25 of 45 km/h vermeld. Als permanente eis, ter controle op de naleving, zijn die waarden opgehoogd met 5 km/h tot respectievelijk 30 en 50 km/h.

De regelgevers in Europa wilden hiermee voorkomen dat bestuurders op keurig afgestelde of getunende bromfietsen zouden worden beboet, wanneer bij meting van een niet opgevoerde bromfiets de maximum constructie-snelheid van 25 of 45 km/h zou worden overschreden.

Bovendien worden de eerste 3 km/h van overschrijding van de constructie-snelheid, boven de 30 km/h respectievelijk 50 km/h, niet gesanctioneerd. Dat houdt in dat je voor snorfiets en bromfiets respectievelijk vanaf 34 km/h en 54 km/h netto gemeten constructie-snelheid beboet kunt worden. Mooier kan de overheid het niet maken.
Deze laatste 3 km/h staan wel onder druk. De totale marge van 8 km/h, bovenop de norm van 25 en 45, naar 33 en 53 km/h netto zonder boete is erg ruim. Nogmaals het is constructie-snelheid. Leve de vrijheid.

Nemen we de bruto meetwaarde afgelezen van de rollentestbank na meting, dan gaat daar minimaal 5 km/h vanaf en boven de 50 km/h 10% afgerond naar boven.
Dan worden snorfietsers beboet vanaf een bruto meetresultaat van 39 km/h en bromfietsers vanaf een bruto meetresultaat van 60 km/h. Dat is dan voor de Dynostar.

Voor de Sneep geldt een extra aftrek. De Sneep valt geheel binnen de wettelijk regels als meetmiddel. Maar omdat de Sneep in het uiterste geval 6 km/h kan afwijken van het meetresultaat van de Dynostar, wordt die 6 km/h extra aftrek altijd toegepast. Om rechtsongelijkheid te voorkomen.
Dus bij een meting op de Sneep worden snorfietsers pas beboet vanaf een bruto meetresultaat van 45 km/h en de bromfietsers vanaf 66 km/h. En dan hebben we het over constructie-snelheid, geen rijsnelheid.

Opvoeren is de enige mogelijkheid om beboet te kunnen worden.

Bron : een politie agent heeft dit uitgelegd juni 2011